FAQ – Veel gestelde vragen over inrichtingen

Algemeen

I. Waarom legt EU de registratie van een inrichting op?

Bij Verordening (EU) 2016/429 zijn regels vastgesteld met betrekking tot de preventie en bestrijding van dierziekten die kunnen worden overgedragen op dieren of mensen.

 II. Wie moet een inrichting registreren en de paarden eraan koppelen?

Het is de verantwoordelijke van de inrichting die de registratie van de inrichting dient uit te voeren via www.horseid.be en na goedkeuring de aanwezige paardachtigen te koppelen aan de inrichting.

III. Wanneer kan ik een paardachtige koppelen aan mijn inrichting?

Dit kan slechts:

  1. Wanneer een paardachtige met status ‘Definitief’ in de databank staat
  2. Wanneer u melding heeft gekregen via mail dat uw inrichting werd goedgekeurd.

  IV. De geografische situatie duidt het ingegeven adres niet aan.

Wanneer u de postcode/ straat of nummer ingeeft dient u uit de weergegeven lijst de te kiezen gegevens aan te klikken.

Indien u de gegevens enkel manueel ingeeft zal de kaart niet automatisch laden.

 V. Wat is het verschil tussen houderschap (persoon en organisatie) en een inrichting beheren?

Binnen de databank zijn er 2 verplichtingen:

  1. De registratie en identificatie van een paardachtige die zich op het Belgische grondgebied bevindt. Dit dient te gebeuren door de houder van de paardachtige. De houder is de persoon (of de organisatie) die instaat voor de dagelijkse verzorging van een paardachtige, in de meeste gevallen zal dit de eigenaar zijn.
  2. De registratie van elke plaats waar paardachtigen worden gehouden in België. Dit dient te gebeuren door de exploitant van de inrichting. De exploitant is de persoon die verantwoordelijk is voor de inrichting, in de meeste gevallen de uitbater. Het is ook de exploitant die de lijst van de inrichting up-to-date dient te houden.

VI. Wat is het verschil tussen de registratie in HorseID en het bijhouden van een register.

In HorseID dient men elke paardachtige te koppelen aan de inrichting die meer dan 30 dagen aanwezig is in de inrichting.

Buiten de registratie in HorseID dient elke inrichting een register bij te houden, ter plaatse.

In het register dient men een detail terug te vinden van de bewegingen die plaatsvinden binnen de inrichting.

Enkele voorbeelden van wat er wordt verstaan onder een beweging:

  • Op wedstrijd gaan
  • Gaan wandelen op verplaatsing (meerdaagse)
  • Vakantie te paard voor minder dan 30 dagen
  • Bezoek aan smid/ dierenarts/…

Welke vorm kan een register hebben?

De manier waarop u een register bijhoudt is volledig vrij te kiezen.

Dit kan zowel op papier als digitaal (onder welke vorm dan ook).

VII. Welke kopieën en of documenten dienen er aanwezig te blijven van welke paarden?

Een kopie van het paspoort dient te kunnen worden voorgelegd van elk dier dat aanwezig is op de inrichting. Het originele paspoort dient binnen de 3 uur te worden voorgelegd op vraag van de bevoegde autoriteit.

 

Praktisch

VIII. Ik huur een weide, stal en/of andere ruimte, wie moet de inrichting registreren?

Het is de verantwoordelijke van de inrichting die de registratie van de inrichting dient uit te voeren via www.horseid.be en na goedkeuring de aanwezige paardachtigen te koppelen aan de inrichting.

De verantwoordelijke van een inrichting kan de eigenaar zijn of de huurder.

Er kan onderling worden bepaald wie deze verantwoordelijkheid op zich neemt.

 IX. Op één locatie hebben meerdere eigenaars/houders paardachtigen, wie dient allemaal de inrichting te registreren?

Een plaats waar paardachtigen worden gehouden kan slechts één uniek nummer toegewezen krijgen. Er dient namelijk één persoon worden aangewezen die de verantwoordelijkheid neemt om de registratie van de inrichting uit te voeren en vervolgens al de paardachtigen die op die locatie aanwezig zijn aan de inrichting te koppelen.

 X. Moet een gewone particulier die een paard aan huis heeft staan ook een inrichting registreren?
Ja, elke plaats waar paardachtigen worden gehouden wordt aanzien als een inrichting dus ook wanneer een paardachtige aan huis staat.

XI. Ik heb een paard dat ik in de zomer op de weide zet en in de winter in een manege. Moet ik dit dan ook registreren?

Het is de verantwoordelijke van beide locaties die dient aan te geven in de databank wanneer het dier meer dan 30 dagen op zijn locatie aanwezig is.

Enkel de verantwoordelijke van de inrichting kan dit doen en dient de lijst van de aanwezige paardachtigen up to date te houden.

 XII. Ik verhuur ook lege stallen. In deze stallen doet de paardeneigenaar al het werk zelf, ze mesten zelf en geven zelf eten. Wie dient de inrichting te beheren en wie moet hun paspoort bijhouden?

Het is de verantwoordelijke van de inrichting dat de registratie dient te doen en de aanwezige dieren te koppelen aan de inrichting.

Deze verantwoordelijkheid kan onderling worden bepaald tussen de verhuurder en één van de huurders. Op de inrichting dient minstens een kopie van het paspoort aanwezig te zijn, het originele document dient binnen de 3 uur volgend op elk bezoek van de bevoegde autoriteiten kunnen worden voorgelegd.

XIII. Wij huren een gang lege stallen in een privéstal, en krijgen af en toe paarden op training. Onze vraag is of wij een aparte inrichting maken voor onze gang en de andere pensionklanten zelf een inrichting maken? Of kan dat niet omdat er maar 1 inrichting per adres kan gemaakt worden?

Er kan slechts 1 nummer worden toegekend per inrichting. In dergelijk geval dient de verantwoordelijke van de stal de aanvraag in te dienen en alle aanwezige dieren hieraan te koppelen. Het is belangrijk om dit onderling goed af te spreken.

XIV. Welke gegevens moeten er nu vermeld worden in het register?

Er zijn geen specifieke richtlijnen te volgen.

In het register dienen alle bewegingen van en naar uw inrichting te worden genoteerd.

Het is belangrijk dat het duidelijk is over welk dier het gaat, een vermelding van UELN-nummer of chipnummer is hierbij een belangrijk gegeven.

XV. Als er op een weide een open schuilhok staat is dat dan het type ‘weide + box’ of ‘weide’?

Dit valt onder Weide.

Onder stallen/ boxen met weide wordt verstaan, een gebouw met aanpalende weiden.

XVI. Een weide die niet vasthangt aan een adres, dus zonder huisnummer, alleen een gemeente + straat. Hoe moet dit dan?

U dient enkel de gemeente en straat in te geven en vervolgens op de geografische situatie de plaats aan te duiden waar uw weide is gelegen.

XVII. Als een merrie vertrekt om te bevallen naar een andere inrichting die niet van jezelf is, hoe moet dat dan? Soms is dat maar voor 3 weken bv.

  • Wanneer het dier de inrichting verlaat voor meer dan 30 dagen dient het dier te worden toegevoegd aan de nieuwe inrichting door de betreffende exploitant.
  • Wanneer het dier minder dan 30 dagen de inrichting heeft verlaten dient dit enkel te worden geregistreerd in het register en dient u geen wijziging uit te voeren in HorseID.

XVIII. Als een merrie naar het buitenland moet om te dekken, hoe moet dat dan?

Een merrie dat het land verlaat ter dekking dient vergezeld te worden van een gezondheidscertificaat dat 10 dagen geldig is.

Wanneer het dier de inrichting verlaat voor meer dan 90 dagen (uitzonderingsregel 2019/2035 artikel 64) dient het dier door de exploitant te worden ontkoppeld van de inrichting in HorseID. Wanneer het opnieuw in de inrichting aanwezig is, dient de exploitant het dier opnieuw te koppelen aan de inrichting.

Indien het dier voor minder dan 90 dagen de inrichting verlaat, dient dit te worden vermeld in het register vanaf dag 1, in de databank vanaf meer dan 90 dagen.

 

 

 

Contact

Belgicastraat 9 / 3
1930 Zaventem

 Email: info@cbc-bcp.beemail-cbc-bcp
telephone-cbc-bcp Tel: +32(0)2/478.27.54
 Fax: +32(0)2/242.26.44printer-cbc-bcp